vrijdag 18 maart 2016

Pasen

Pasen is een belangrijk christelijk feest vooraf gegaan door de Goede Week. Een week met veel rituelen in de kerk, zoals Palmpasen en Goede Vrijdag.
Ik ben katholiek opgevoed, dus ik herinner me in die week de lange liturgische diensten, alles in het Latijn, onbegrijpelijk, triest en saai. En de kerkbanken waren erg hard.
Maar met Pasen was het feest. De kerkklokken luidden overal, de kerk was mooi versierd met bloemen. Bijna alle dorpelingen waren aanwezig tijdens de mis. In de katholieke kerk was er een gebod om met Pasen de Heilige Communie te ontvangen, wat dus ook iedereen deed.
Na de dienst begon op het kerkplein de echte pret. Wel liepen veel mannen snel naar het café, maar de kinderen, jongens en ook wat volwassenen bleven op het kerkplein. Ze haalden hardgekookte, gekleurde eieren uit hun zakken en tassen. De eieren werden op de grond tegen de muur van de kerk gezet en om de beurt probeerde men, vanaf een bepaalde afstand een ei met een munt te raken. De munt moest wel in het ei blijven steken, lukte dit dan had je het ei gewonnen.
Dit was een leuk, terugkerend schouwspel en er werd fanatiek gespeeld.
Hygiënisch zal het niet geweest zijn, maar de eieren werden daarna toch nog opgegeten.
Wat oudere mannen en vrouwen deden een ander spel. Zij probeerden het hardgekookte ei van de tegenstander kapot te krijgen door er met het eigen ei tegenaan te tikken. Ook dan won je het kapotte ei.
Mij is het nooit gelukt, met de eerste tik was mijn ei al stuk.
De eieren werden gekleurd met natuurlijke grondstoffen, zoals uien, kruiden, thee, koffie, wijn enz.
Sommige vrouwen konden dit heel erg goed en hun eieren waren heel mooi en glanzend. Mijn moeder was niet zo goed in deze technieken, zij gebruikte stukjes harde textielverf. Dat was misschien niet zo gezond, maar wel veel gemakkelijker. En we hadden zo ook mooie, gekleurde eieren.
Een andere Paas traditie was, en is nog steeds, elkaar chocolade eieren kado te geven. Grote en kleine eieren, wel hol van binnen, en dan met een surprise erin. In mijn kindertijd kreeg ik alleen goedkope kleine eitjes, maar de surprise zat erin. Die was het belangrijkst.
De chocolade eieren zijn in de loop van de tijd steeds groter geworden, mooier ingepakt. Ook lieten mensen, tegen betaling natuurlijk, een kostbaar geschenk in het ei doen.
Toen was er geen paashaas in het dorp, die eieren verstopte. Nu is de paashaas, "il coniglietto" (konijntje) ook daar aangekomen en verstopt men ook eieren voor de kinderen.
Hier in Nederland heb ik met veel plezier ook eieren voor mijn kinderen verstopt.
Eieren beschilderen deden we ook, soms echte kunstwerken.
Helaas is het door de afstanden, ieders verplichtingen nu niet gemakkelijk meer om allemaal samen te komen om eieren te beschilderen. Soms lukt dit nog wel, zoals in 2014, met de kleinkinderen van Thea.
Ze vonden het leuk en hebben het heel goed gedaan. Zelf Maro, onze Maine Coon kat, was diep onder de indruk... 

Copyright © Pierino Smaniotto & Thea Bekers

dinsdag 9 februari 2016

Facchino

Een gedeelte van mijn jeugd heb ik in internaten doorgebracht.
Toen ik ongeveer 16 jaar was, leerde ik voor kleermaker in het internaat. Maar de kleermakerij werd gesloten.
Er volgde felle discussies en ruzies met de directeur, maar ze konden geen goede andere opleiding geven. Dus ik verliet het internaat.
Zonder diploma, zonder  opleiding, op straat. Wij waren arm, er was geen geld om een andere opleiding te volgen.
Dus ik moest werk zoeken. Maar hoe?
In het internaat leerden wij bidden en nog eens bidden en hoe zondig de buitenwereld kon zijn, maar hoe zou het echte leven zijn?
Mijn moeder kon mij niet helpen, zij was nog steeds in de rouw om haar overleden echtgenoot. Toen miste ik mijn vader heel erg, een vader die mij raad kon geven, een vader die mij de weg kon wijzen.
Het werk in de mijnen en de steengroeve was te zwaar voor mij.
Toen ben ik in de kranten bij de advertenties gaan zoeken.
Er werd wel personeel in hotels gevraagd, ook voor "facchino". Ik had geen idee wat voor werk dat was, maar ik solliciteerde toch.
Het antwoord kwam snel, ik kon meteen beginnen, ergens aan het Gardameer. Het salaris was niet hoog, maar ik kreeg kost en inwoning.
Dus de koffer ingepakt en op reis. Na uren met de trein en bus ben ik toch op mijn bestemming gekomen.
Het was een leuk hotel, niet groot en met jong personeel. Het werk was wel zwaar, ik moest de bagage uit de auto's halen en met de gasten naar de kamer brengen. Ook moest ik de kamer en gangen schoonmaken. En wel eens achter de balie de gasten helpen.
Veel vrije tijd had ik niet, maar ik voelde me goed en bovendien werkte ik samen met een leuk kamermeisje. Ook waren de gasten aardig en gul met fooien.
Daar werd ik voor het eerst verliefd en vond dat de wereld nog niet zo slecht was. Ik werd verliefd op een van de meisjes die in de eetzaal werkten. Zij heette Annamaria. Wij gingen, in ons vrije tijd, samen uit. Ik was te verlegen om tegen haar te zeggen dat ik van haar hield.
De maanden gingen snel voorbij. Ontelbare koffer heb ik gesjouwd, dagelijks ongeveer 23 kamers schoongemaakt en de vloeren in de was gezet. Ook hielp ik de kamermeisje met het opmaken van de bedden.
Dit was een mooie zomer, maar hij ging voorbij. Eind september was het hotelseizoen afgelopen en werd het tijd om afscheid van de leuke collega's te nemen en helaas ook van de mooie Annamaria.
Dit deed mij veel pijn, maar het was niet anders. Zij ging terug naar haar eigen dorp ver weg en ik weer naar mijn dorpje in de bergen.
Er was geen werk in de buurt, dus ik ging in andere hotels werken.
Bij deze hotels trof ik het slechter, ze gingen niet goed met personeel om. De huisvesting en het eten waren slecht, wij moesten hard werken en waren nooit vrij.
Daardoor kwam ik steeds in conflict met de eigenaars, waarop ik vertrok en weer in een ander hotel ging werken. Soms kreeg ik mijn salaris niet uitbetaald, maar ik ging toch, weer in een ander hotel.
Waarom weet ik nu eigenlijk ook niet, misschien wilde ik nieuwe steden zien, dingen ontdekken, meer mensen ontmoeten.
En ook de leuke kamermeisjes die er werkten. Maanden werkten we samen, allemaal waren we ver van huis. De meesten waren ongetrouwd, zonder vriend. En als ze een vriend hadden, was die ver weg.
Ik kon goed met ze overweg, was behulpzaam en betrouwbaar.
Elke keer werd ik weer verliefd, weer voor een seizoen, dan op Leslie, op Laura, op Valentina... En na elke seizoen weer het verdriet van het afscheid nemen.
Wel bleven we elkaar brieven schrijven, liefdesbrieven, maar ik wist wel dat het niets zou worden.
En dan weer op weg naar een ander hotel, weer op stap met mijn koffer, in de hoop dat er ooit een einde zou komen aan dat gereis.
Maar dan die keer in een hotel aan het Lago Maggiore. Werk van maart tot september, in een groot, wel oud hotel. Het werd gerund door een Nederlands echtpaar, zo goedkoop mogelijk.
En de jonge meisjes? Hier waren ze niet!
Ik heb die maanden met een wat ouder kamermeisje samen gewerkt. Zij was wel lief en wij hebben altijd goed samen gewerkt.
Maar toen kwam er een jonge vrouw uit Nederland werken. Ze sprak Spaans en na een tijdje ook wat Italiaans. Ik weet niet wat ze in mij zag, maar praatte graag met mij en ging met mij uit in onze vrije tijd.
En door haar was dat het laatste jaar dat ik in een hotel heb gewerkt.
Ik was weer verliefd, maar deze keer ging zij met mij mee naar mijn dorpje. Ik vond vast werk en wij zijn gaan trouwen. 
Hoe wij dan in Nederland terecht kwamen? Misschien vertel ik dat wel een andere keer.

Lago Maggiore vanaf de de Botanische tuin "Alpinia" op 800 meter hoogte.

Copyright © Pierino Smaniotto & Thea Bekers

dinsdag 26 januari 2016

De slang

Ik was met mijn zusje van drie jaar buiten aan het spelen. Eigenlijk moest ik op haar passen en dat was niet altijd even leuk, want ze was een kattenkop.
Wat er op een dag gebeurde vergeet ik niet! Ze bleef maar aandacht vragen. Ze bleef maar zeggen dat ik moest gaan kijken. Ik begreep alleen maar dat ze een "vork" zag. En ja hoor, zij had het goed gezien.
Uit een gaatje in de natuurstenen muur van ons huis was de kop van een slang te zien.
Ik schrok me rot, riep mijn moeder. Zij kwam direct en begon te schreeuwen. Zij was heel erg bang voor slangen. Mijn vader lag erg
ziek in bed, hij hoorde het geschreeuw. Die arme man stond op, kleedde zich snel aan en kwam naar buiten.
Hij pakte een pikhouweel en probeerde een paar stenen uit de muur te hakken. Intussen waren, door het geschreeuw van mijn moeder, de buren komen kijken. Eindelijk lukte het, met veel moeite, om wat stenen los te krijgen. De slang viel eruit. Iedereen probeerde hem te pakken, maar hij was te snel en ging er vandoor in een gat in de muur aan de andere kant van de weg.
Mijn arme vader ging terug naar bed, mijn moeder werd gekalmeerd door de buren. De slang was niet gevaarlijk en zou heus niet terugkeren. Die dag had de slang geluk, als ze hem te pakken hadden gekregen, hadden ze hem zeker gedood.
In die streek zijn in de natuur verschillende soorten slangen, maar alleen de adder is giftig. In die tijd werden voor alle zekerheid alle slangen gedood, veel mensen waren bang voor ze.
Maar bij ons huis zagen we een lange tijd geen spoor meer van de slang. Intussen overleed mijn vader, mijn moeder probeerde, verdrietig en huilend, zo goed mogelijk voor ons te zorgen.
Maanden later werd ons huis goed schoongemaakt en de muren en plafonds gewit. Een groep vriendinnen van mijn moeder hielpen mee. Het grote kookfornuis werd verplaatst. Mijn moeder zag dit en begon ineens te schreeuwen. Zo hard dat je het vast aan de andere kant van het dorp kon horen.
Ik zag een vriendin iets uit een spleet van de vloer pakken. Het was de vervelde huid van een slang. Toen mijn moeder kalm was, gingen ze verder met de grote schoonmaak. De buurman repareerde de vloer.
Wij wisten dat de slang ergens onder de vloer of tussen de dikke muren zat.
Er gebeurde lange tijd niets, niemand dacht er nog aan dat wij een huisgenoot hadden.
Maar jaren later, op een mooie zomerse dag, hoorde ik mijn zusje gillen en mijn moeder nog harder. Ik was in mijn slaapkamer, dacht dat er iets met mijn zus gebeurd was en ging snel kijken. Bij de open voordeur bleven die twee maar schreeuwen en ik zag buiten op straat een mooie slang van anderhalve meter lang. Hij kroop rustig verder en verdween in een muur aan de andere kant van de straat.
Van mij had de slang mogen blijven, maar een van onze katten dacht er anders over. Die slang eet ook muizen... Tot mijn grote verbazing lukte het die kat, nog in die zomer, om de slang te vangen. Ik zag de kat, met de kronkelde slang in de bek, rennen naar de hooizolder van de buren. De buurman vond dit natuurlijk niet leuk, hij wilde echt geen slang in zijn hooi en rende de kat achterna.
Eindelijk kon hij de slang van de kat afpakken. De slang was half dood gebeten en werd uit zijn lijden verlost. Sinds die tijd hebben nooit meer een slang in de buurt van ons huis gezien.
Eerlijk gezegd heb ik zelden slangen gezien, de meesten waren al dood. Maar mijn moeder zag ze vaak en overal. Gelukkig kon ze zich later beter beheersen en schreeuwde dan niet meer zo. Behalve als een van de katten af en toe een kleine slangetje naar huis brachten, dan sloeg de paniek weer toe en moest ik de prooi snel weggooien.
En de katten? Je kon zien wat zij dachten: "Ondankbaar schepsel! We brengen je een kado en jij laat weggooien. Weet je niet hoeveel moeite wij hebben moeten doen om die te vangen!"


Ter illustratie: Esculaapslang
Bron: WIKIPEDIA
Foto: Felix Reimann 

vrijdag 15 januari 2016

Rome, mijn droom...

In Italië ben ik in mijn jeugd in internaten verbleven, ver van huis. Opgesloten in ommuurde gebouwen verlangde ik naar mijn kleine dorp, de vrije natuur, mijn moeder en familie en vriendjes. Dag in en dag uit steeds naar de kerk om te bidden, 's morgens en 's avonds. Inderdaad bidden! Al die internaten werden door religieuze nonnen en priesters geleid.
Een van die internaten had als stichter een bijzondere priester, die in de eerste helft van 1800 arme kinderen onderdak en scholing gaf. Zijn volgelingen hadden graag gezien dat deze goede man heilig verklaard zou worden. Maar om door de katholieke kerk heilig verklaard te worden moet je wel wonderen verrichten. Dus, wij kinderen, moesten elke dag bidden dat God deze priester een wonder liet doen. Ik had toen geen idee van het geloof en wonderen, maar ik deed wel mee samen met al die kinderen, bidden en nog eens bidden, zo hard als wij konden. En als die priester heilig verklaard zou worden, zouden wij allemaal een paar dagen naar Rome mogen om dat te vieren! En dat wilden we allemaal wel.


Rome, de hoofdstad van Italië. Wij wisten door de lessen op school al veel van deze stad, maar om hem in het echt te kunnen zien, was een droom. Dan de heilige Vader de Paus te kunnen zien en de enorme Sint Pieterskerk, al die pracht en praal, een heerlijk droom... Helaas hebben we waarschijnlijk toch niet hard genoeg gebeden, er kwam maar geen wonder, dus ook geen Rome.
Nu zijn er alweer 50 jaar voorbij, die ene priester is nu Zalig, maar nog steeds niet heilig. Zelf ben ik nog nooit in Rome geweest, een van mijn dochters wel, jaren geleden op een schoolreis. Kort geleden vroeg ik haar hoe zij Rome ervaren heeft. Veel herinneringen had zij er niet aan, oh ja, de Paus had ze wel gezien, maar ze had meer interesse in de knappe jonge Italianen op het Sint Pietersplein gehad. En op mijn verbaasde reactie: "Het was maar een studiereis, pa!"


Copyright © Smaniotto - Bekers

donderdag 14 januari 2016

Dolomieten - Val di Fassa

Tijdens een wandeling op de Duivelsberg, een mooie heuvel in de buurt van Nijmegen, dacht ik aan de bergen van Trentino. Dit is de streek in Italië waar ik ben geboren. Niet dat ik heiwee heb, de omgeving van Nijmegen is prachtig, ik voel me hier thuis. Maar ik ben toch foto's, die ik gemaakt heb van de bergen in Trentino, gaan zoeken. En ik kwam een aantal dia's tegen van een prachtige streek in de Dolomieten, namelijk de Val di Fassa (Fassa vallei). Als jongeman heb ik daar enkele maanden in een hotel gewerkt. Het werk was zwaar, met weinig vrije tijd. Maar in die kostbare vrije tijd genoot ik van de prachtige natuur in de omgeving. En jaren later ging ik tijdens een vakantie met mijn dochters naar een hotel in Canazei, een toeristisch dorpje aan het einde van de vallei. Daar hebben we prachtige wandelingen gemaakt, steeds hoger, langs beekjes en bloemenweiden. De uitzichten op de Dolomieten: Gruppo del Sella, Sassolungo, de Marmolada, waren adembenemend! Moe en voldaan genoten we 's avond van de lekkere maaltijden in het hotel. Canazei is nog steeds een mooi dorp op 1500 meter hoogte. Het is wel druk in het toeristische seizoen, vooral in de winter is het een ideale plaats voor de wintersport liefhebbers, vanwege de vele skimogelijkheden. Ook wordt in deze streek een bijzondere taal gesproken, het Ladino, een oud Reto-Romaanse taal. Gelukkig spraken ze ook Italiaans, want voor ons waren ze anders niet te verstaan. Wij hebben echt genoten van die mooie vakanties. De eerste keer was in 1983, wij logeerden in Hotel Rita. Ik vergeet nooit hoe vriendelijk de eigenaar was, een bijzondere man. Jaren later, in 1990, gingen wij terug naar dit hotel, dat nog steeds door de dezelfde familie werd gerund. Maar die bijzondere man zag ik niet meer, toen hoorde ik dat hij was overleden...


Copyright © Smaniotto - Bekers


Tiramisù

Het was rond 1975 - 1980. Ik was op bezoek bij mijn familie in Trentino - Italië, het was heel gezellig. In de restaurants viel me op dat op het menu een nieuwe nagerecht stond: Tiramisù. Ik kende dit gerecht niet en vond het wel vreemd dat het als een plaatselijke specialiteit werd gepresenteerd. Natuurlijk heb ik het geproefd en het was een lekker toetje. Later zag ik de tiramisù overal in Italië, het was dus helemaal geen plaatselijk gerecht. Tiramisù betekent letterlijk "trek mij op" of "beur mij op", en is nu het bekendst Italiaans dessert. De lekkerste tiramisù heb ik bij mijn zus gegeten, een echt talent in de keuken! Maar Thea, mijn huidige partner, kan ook lekker koken, en zij maakt ook lekkere tiramisu.

Foto: © Damian Konietzny - Fotolia
Hier volgt haar recept.

Nodig voor 8 personen:

* 400 gr mascarpone kaas
* 16-20 lange vingers
* 2 eieren, gesplitst
* 100 ml sterke zwarte koffie
* 75-100gr bittere chocolade, 
gemalen in een keukenmachine
* 5 eetlepels poedersuiker
* Ca. 4 eetlepels rum
* 2 eetlepels brandy 

Doe 2 eetlepels rum en de brandy in de koffie. Dompel de lange vingers hierin en leg ze in een ondiepe schaal. Giet de rest van het mengsel over de lange vingers, maar niet teveel anders worden ze zacht. Klop de mascarpone met de eierdooiers en de poedersuiker en doe de rest van de brandy erbij. Sla de eiwitten stijf, maar niet droog,en schep ze voorzichtig door het mascarponemengsel. Doe dit mengsel over de lange vingers. Bestrooi het geheel met de fijngemalen chocolade en laat het gerecht één nacht in de koelkast staan. Het is ook lekker met een laagje aardbeien erin. Probeer het uit, en geniet ervan.

Copyright © Smaniotto - Bekers - 18-05-2011

Brescia

Brescia is een stad in Lombardije, in Noord-Italië, ongeveer 30 km van het Gardameer. De binnenstad heeft veel historische bezienswaardigheden. Er zijn veel kerken, een ervan is de Duomo Nuovo (Nieuwe Dom), een bijzonder gebouw met een grote 82 meter hoge koepel. Het is niet te geloven dat de bouw hiervan meer dan 200 jaar heeft geduurd. Op hetzelfde plein staat ook de Duomo Vecchio (Oude Dom). Op de Piazza della Loggia, een ander plein, staat Palazzo Loggia, een paleis uit de 16e eeuw. En ook de Torre dell' Orologio, een klokkentoren met een mooi uurwerk. Dit plein is helaas ook bekend om een aanslag in mei 1974, toen vielen er 8 doden en ongeveer 100 gewonden. Waarschijnlijk heb ik, samen met honderden jongeren, op dit plein gestaan, toen was ik 13 of 14 jaar oud. Er was een groot feest, ik weet niet meer precies voor welke gelegenheid. Het had wel te maken met Lodovico Pavoni, een goede priester die in deze stad was begonnen arme kinderen onderdak en onderwijs te geven. Hij was de stichter van een congregatie, die internaten in verschillende steden in Italië hadden. Omdat ons internaat erbij hoorde, waren wij dus in Brescia. 
Het was best heel erg leuk om een keer een dagje uit te zijn. Het nadeel was dat we ons netjes moesten gedragen op het grote plein, waar de herdenking plaats vond. En dan naar de toespraken van hooggeplaatste mensen te luisteren. En de burgemeester moest ook spreken, die vergeet ik nooit. De goede man zei van tevoren: "sarò breve" (ik zal het kort houden)... Was het maar waar, er kwam geen einde aan, urenlang klonk zijn stem door de luidsprekers. Toen de speech eindelijk afgelopen was, klonk er een enorm applaus en gejubel op het plein, eindelijk vrij, moe, hongerig en dorstig konden wij van het plein af. Later kregen wij eten en drinken. Als beloning omdat wij zo braaf waren gebleven, werden wij naar een kasteel op een heuvel bij Brescia gebracht. Daar mochten we vrij rondlopen in het park, waar toen een dierentuin in gevestigd was. Naar de dieren kijken vond ik niet zo leuk, ze zaten in veel te kleine ruimtes en zagen er niet goed uit. Gelukkig is die dierentuin er nu niet meer, het park en het kasteel nog wel. Hier worden allerlei activiteiten georganiseerd, en van hieruit heb je een geweldig uitzicht op de stad.
Hieronder een foto van onze groep, ik sta er ook op, de derde van rechts, de jongen met de stropdas.


Copyright © Smaniotto - Bekers

Nervi - Genua

Bij het bekijken van oude documenten, vond ik mijn Italiaanse werkboekjes, waarin genoteerd staat waar ik gewerkt heb. Een van die plaatsen is Nervi, een dorp vlakbij Genua, in Italië. In mijn herinnering een klein dorp, met een pittoreske haven, toen nog een vissershaven. Het was begin juni 1966, ik was nog jong, op zoek naar werk, het maakte niet veel uit wat. Dus kon ik, wel ver van huis, in een hotel in Nervi gaan werken, een zomer en winter seizoen. Het was hard werken, weinig verdienen, wel kost en inwoning. Gelukkig had ik nog wat vrije tijd en dat compenseerde de rest. Ik had nog nooit de zee gezien en daar was hij, prachtig, blauw en helder. Langs de zee was en is nog steeds een bijzondere mooie wandelpromenade boven de kliffen. De temperatuur in de winter was heel aangenaam. Daar kwamen veel ouderen overwinteren. Ze genoten, zittend op een van de vele bankjes op de promenade, van de zon en zeelucht. Helaas ben ik al die foto's die ik daar gemaakt heb, kwijt geraakt. Alleen nog een foto van mij en enkele foto's van een Engelse meisje heb ik nog wel. Haar naam was Leslie, ik heb enkele maanden met haar samen gewerkt. Samen de kamers van het hotel in orde maken, dat elke dag en dat ging goed. Ik was verliefd op haar... toen zij terug naar Engeland ging, zij studeerde, was ik zo verdrietig, alles deed pijn, ik miste haar. Wij hebben een jaar lang elkaar brieven geschreven, dat werd minder, zij moest hard studeren, en ik was weer op een ander verliefd. Het was toch niets geworden, een gestudeerd meisje uit een grote stad in Engeland, met een weinig geschoolde gekke jongen uit een dorpje in de bergen van Trentino...


De foto van mij is in het hotel Bonera gemaakt in de zomer 1966.

Onder: dorp en haven: Foto © Davide_69 - Fotolia.com 

Copyright © Smaniotto - Bekers

Pizza

Het bekendste Italiaanse gerecht is de pizza, in ontelbare variaties. Overal ter wereld wordt de pizza gegeten, vaak aangepast aan de plaatselijk smaak. Maar de beste pizza's eet je in Italië, vooral in Napels, waar de pizza volgens de verhalen voor het eerst gemaakt werd.
Toen ik zo'n veertig jaar geleden nog in Italië woonde, was het niet vanzelfsprekend dat je zomaar in een restaurant een pizza kon eten, en zeker niet als warme maaltijd. Ik kan me nog herinneren dat in Levico Terme, een bekende toeristische plaats in Trentino, de eerste pizzeria opende. Het was meteen een succes. Daar eten was de moeite waard, ook al moest je veel geduld hebben. De pizzeria ging pas laat in de middag open, men nam eerst de bestelling op, en dan moest je wachten. Wel kon je de stenen oven en een grote bal deeg die aan rijzen was, bekijken... Eindelijk kwam de "pizzaiolo" (pizzabakker) binnen, en ging rustig de oven aanmaken met stukjes hout. En wij maar wachten... Maar hij ging rustig verder, zonder zich om de wachtende mensen te bekommeren. Het kneden van het deeg, daarna in stukken snijden. De bestellingen nog even doorkijken, checken of alle ingrediënten op de goede plek staan. En wij maar wachten... Uiteindelijk begon de pizzaiolo zijn echte kunsten te vertonen. Het deeg plat maken, draaien en keren, in de lucht gooien, nog eens draaien en zo door. Dan snel de ingrediënten er op leggen, en in de oven. Na enkele minuten was de pizza klaar, lekker krokant. Iedereen was enthousiast en soms klonk er spontaan een applaus. Toen at je bij de pizzeria alleen pizza als tussendoortje. Nu word de pizza ook als maaltijd geserveerd, en de enkele soorten zijn uitgebreid, nu heb je pizza's in allerlei smaken.
De echte pizzabakkers uit Napels zijn nu zeldzaam, hier in Nederland zijn de pizzeria's door hardwerkende mensen, vooral Turken, overgenomen. Ook zij maken nu lekkere pizza's.


Maar de lekkerste pizza heb ik toch in Italië gegeten, in 2010, weer in Levico Terme. Deze pizzeria had een menukaart met meer dan honderd soorten pizza's. Er was een bijzondere houtoven, rond met een draai- plateau en de pizza's waren heerlijk. Wij gingen daar met mijn Italiaanse familie pizza eten. Tot onze verbazing bestelden mijn neven "pizza con le fritte", en ja hoor, de ober bracht pizza's met krokante frites erop. 
Zelf bakte ik vroeger ook wel eens een pizza, en eerlijk gezegd, lukte het mij niet altijd om hem goed te krijgen. Soms met "een boden van karton", soms te nat, maar volgens mijn kinderen altijd heel lekker. Nu bestel ik een pizza bij de Turk om de hoek, die wordt dan snel thuis bezorgd.
Je kunt alles drinken bij de pizza, maar ik hou het bij een eenvoudige Italiaanse rode tafelwijn.

Copyright © Smaniotto - Bekers - 2010


Polenta


Polenta,  is van oorsprong een gerecht voor arme mensen en werd vooral in Noord-Italië gegeten. Het is van maïsmeel gemaakt, er is niet veel smaak aan, en is pas lekker met vlees, saus, kaas, vis en groente. In mijn kinderjaren was het niet vanzelfsprekend dat er lekker vlees bij de polenta was... Ik kan mij nog herinneren, dat er bij sommige gezinnen in het dorp, zelfs bij het ontbijt de overgebleven polenta van de dag ervoor, met wat melk erbij, werd gegeten. Ik ben altijd verbaasd wanneer ik in Italië ben. Nu wordt polenta in restaurants als een lekkernij geserveerd. En bij onze familie maken ze voor ons zeker een keer dit gerecht als iets bijzonders. Ik vind polenta met een saus best lekker, en ik neem de tijd om het zelf te maken. Niet te vaak, anders gaat mijn wederhelft klagen. Ik heb uit Italië een mooie koperen polenta pan gekregen, maïsmeel kan ik bij een Turkse winkel kopen. Ik moet wel tijd en energie hebben, want je moet zo'n 40 minuten lang in de pan roeren, zo lang duurt voor dat het gaar is. En natuurlijk iets lekkers erbij met een goede saus. Ik word wel voor gek verklaard, misschien is dat wel zo, in de supermarkt kun je snelkokende polenta kopen. En als die niet bevalt kun je zelfs kant en klare stukken polenta kopen, opwarmen en smullen maar. Maar voor mij heeft juist die zelfgemaakte polenta iets bijzonders.


Copyright © Smaniotto - Bekers - 2009